Het voorbije joodse dordrecht

Gezin van Dordtse Sara is
in Auschwitz omgebracht


persoonskaart van Sara Pesaro-Hartog uit het archief van de Joodsche Raad

Dit is de persoonskaart van Sara Pesaro-Hartog uit het archief van de Joodsche Raad. Meteen is zichtbaar wat er met haar is gebeurd: Sara werd op 12 december 1942 op transport gezet, naar Auschwitz. De dag ervoor was zij opgesloten in Kamp Westerbork.
Foto Arolsen-archief

In Auschwitz eindigde alles.
        Niemand bleef in dit vernietigingskamp over van het gezin dat de Dordtse Sara Hartog vanaf 1912 zo hoopvol had gesticht met haar Amsterdamse echtgenoot Samuel Pesaro.
        Vier kinderen had zij met Samuel gekregen, allen in Amsterdam. De laatstgeborene, Rosetta, stierf al na twee maanden, in november 1917. Met de drie overgebleven kinderen – Hanna, Eva Hanna en Mozes – zetten Sara en Samuel hun leven voort, zo goed als mogelijk.
        Dat lukte zonder veel tegenslag, totdat de nazi’s in de straten van Amsterdam verschenen en de deportaties aanbraken.
        Sara is in Auschwitz vermoord op een andere datum dan haar Samuel. Dat geldt ook hun zoon Mozes. Alleen Hanna en Eva Hanna zijn tegelijk omgebracht, op 28 september 1942, in Auschwitz.
        Het originele gezin Pesaro was nu verdwenen. En dan werd in datzelfde Auschwitz ook nog eens het leven afgebroken van Sara’s enige broer Abraham.
        In Auschwitz eindigde alles.

geboorteakte van Sara

De geboorteakte van Sara. Zij was het tweede kind uit het tweede huwelijk van haar vader Machiel Hartog.
Sara is het enige van alle kinderen Hartog dat in Dordrecht is geboren.
Foto Regionaal Archief Dordrecht

Grootste
Sara en Abraham zijn kinderen uit het tweede huwelijk van hun vader, Machiel Hartog. Deze Machiel heeft een opvallende reputatie in zijn geboortedorp Mijnsheerenland, vlakbij Dordrecht gelegen in de Hoeksche Waard. Met zijn eerste vrouw Hester Boers (Ridderkerk, 8 augustus 1838 – Mijnsheerenland, 31 oktober 1873: 35 jaar) vormde hij in die gemeente namelijk het grootste joodse gezin.
        Hij was met haar, terwijl zij nog pas 21 jaar oud was, als 31-jarige getrouwd op 8 juni 1860, in Ridderkerk. Haar ouders zijn Hartog Boers en Betje van Straten, de zijne Emanuel Hartog en Kaatje Hijman van Blankenstein.
        Vijf kinderen brachten Machiel en Hester voort. Achtereenvolgens waren dat:
        1. Elizabeth (Mijnsheerenland, 26 maart 1865 – Dordrecht, 16 mei 1940: 75),
        2. Rozetta (Mijnsheerenland, 21 september 1868 – Dordrecht, 21 februari 1941: 72),
        3. Salomon (Mijnheerenland, 17 oktober 1871 – Den Haag, 14 april 1939: 67),
        4. Herman (Mijnsheerenland, 29 september 1873 – Auschwitz, 15 december 1942: 69) en
        5. Hartogus Hartog (Mijnsheerenland, 29 november 1862 – Dordrecht, 26 juni 1883: 20).
Nadat Hester was gestorven, hertrouwde Machiel op 7 november 1874 in zijn geboortedorp Mijnsheerenland met de 39-jarige Amsterdamse Eva Roeper. Zij was in die stad geboren op 12 juni 1835, als dochter van Wolf Aron Roeper en Sara Abraham Rood. Met Eva kreeg Machiel nóg eens twee kinderen:
        Abraham (Mijnsheerenland, 31 maart 1877) en
        Sara (Dordrecht, 4 juli 1878).
        Deze Sara, van wie opvalt dat zij als enige in Dordrecht is geboren, vormt de hoofdpersoon van dit artikel.

burgerlijke-standsgegevens van de gemeente Amsterdam blijkt dat Sara

Uit burgerlijke-standsgegevens van de gemeente Amsterdam blijkt dat Sara in deze stad als huishoudster heeft gewerkt, komend uit Den Haag, vertrekkend naar Gouda en weer terugkomend in Amsterdam, om te trouwen met Samuel Pesaro. Zij werkte in het Oude Mannen- en Vrouwenhuis.
Foto Stadsarchief Amsterdam

Mannelijk
Moeder Eva beviel van Sara om half twee ’s middags, in “het huis geteekend C1126 aan de Augustijnenkamp”, aldus de geboorteakte. Dat was midden in de binnenstad.
        Hoe zij als volwassene in Amsterdam is beland, valt op te maken uit burgerlijke-standsgegevens. Het blijkt dat Sara, werkzaam als huishoudster, op 16 maart 1909 vanuit Den Haag in Amsterdam opdook. Ze bleef er tot 23 november 1909, negen maanden dus, en vertrok daarna naar Gouda. Op 9 juli 1912 keerde ze terug naar Amsterdam en bleef er nu. Ze ging op 27 december van dat jaar trouwen met Samuel Pesaro. Zij had gewerkt als dienstpersoneelslid bij de Fedder Stichting, gevestigd in de Weesperstraat, op nummer 41-43.
        Op deze locatie, meldt de website JoodsAmsterdam.nl, stond een verzorgingshuis, compleet met een synagoge. De stichting, genoemd naar Catharina en Izaak Joseph Fedder, had als doel “de kostenloze zorgvuldige verpleging, voeding en verzorging in den uitgebreidsten zin, zowel in gezonde als in zieke dagen, van enige personen, uitsluitend van het mannelijk geslacht”. Minstens tien mannen konden er worden verpleegd. Zij hoorden van “onbesproken goed zedelijk gedrag” te zijn, religieus gezind en “de Hoogduitse Israëlitische godsdienst” belijdend.
        Na de Tweede Wereldoorlog is het pand, waaruit tijdens de hongerwinter het kostbare houtwerk was gesloopt, afgebroken. Op die plaats zijn etagewoningen verschenen.

huwelijksakte van Sara en Samuel

De huwelijksakte van Sara en Samuel. Zij trouwden op 27 december 1912 in Amsterdam.
Zij waren toen allebei 34 jaar oud.
Foto Stadsarchief Amsterdam

persoonskaart van Samuel uit het Amsterdamse archief vermeldt dat hij op 19 februari 1943 is omgekomen in Auschwitz

De persoonskaart van Samuel uit het Amsterdamse archief vermeldt dat hij op 19 februari 1943 is omgekomen in Auschwitz. Dat klopt niet met de persoonskaart van hem, waarop staat dat hij op 16.3.43 op transport is gezet.
Het gaat om dezelfde Samuel, geboren op 2 januari 1878. Waarschijnlijk had er moeten staan: 16.2.1943.
De treinreis naar de vernietigingskampen duurde vanuit Nederland meestal drie dagen.
Foto Stadsarchief Amsterdam

Joodsche-Raadkaart van Samuel Pesaro

De Joodsche-Raadkaart van Samuel Pesaro, Sara’s echtgenoot.
Hij is op 16 maart 1943, enkele maanden na Sara, afgevoerd,
ook naar Auschwitz. Vanaf 9 februari 1943 zat hij in Barak 55
van Kamp Westerbork.
Foto Arolsen Archives

Onbekend
Samuel Pesaro nu was een kind van de diamantslijper Mozes Pesaro (Amsterdam, 27 mei 1852 – Amsterdam 24 april 1922: 69) en Hanna van Minden (Amsterdam, 27 mei 1854 – Amsterdam, 15 november 1890: 36). Zijn ouders waren op 10 oktober 1877 in het huwelijk getreden, in Amsterdam, Mozes was toentertijd 25, Hanna 23 jaar oud.
        Het was met de volwassen geworden Samuel, die de kost verdiende als chef bioscoop, dat Sara, zoals al aangestipt, vier kinderen kreeg. Zij waren in Amsterdam getrouwd op 27 december 1912 en in het jaar daarop kwamen de eerste kinderen: de tweeling Eva Hanna en Mozes, beiden geboren op 22 juli 1913. Het derde kind ging simpelweg Hanna heten. Zij kwam ter wereld op 28 januari 1916, ook in Amsterdam. Rosetta werd het vierde kind, geboren op 19 september 1917. Van haar is al gemeld dat zij na krap twee maanden is gestorven, op 17 november 1917.
        Hanna was werkzaam als naaister en is als enige van de drie nog levende kinderen Pesaro getrouwd: en wel midden in de Tweede Wereldoorlog, namelijk op 12 augustus 1942 met stadgenoot Jacob Blom (Amsterdam, 16 maart 1918). Zij was 26, hij 24 jaar oud. Jacob was een zoon van Wolf Blom (Amsterdam, 28.2.1897) en Betsy Cohen (Amsterdam, 13.3.1896). Volgens zijn Amsterdamse persoonskaart heeft hij diverse beroepen gehad: schrijver (en ambtenaar) bij Gemeenwaterleidingen (nu: Waternet), fietsknecht en, op het laatst, colporteur van een kleermakerij.
        Hun huwelijk is van korte duur geweest, nog geen anderhalve maand. Hanna zelf is op 28 september 1942 in Auschwitz omgebracht, 26 jaar oud. Haar man, de ambtenaar Jacob, heeft ietsje langer mogen leven: hij werd gedood, ook in Auschwitz, op 31 januari 1943, vier maanden na zijn vrouw. Hij is niet ouder dan 24 geworden, zij 26. Het echtpaar woonde op het laatst op de Zwanenburgwal, op nummer 34 huis.

formulier uit het archief van de Oorlogsgravenstichting over Sara

Het formulier uit het archief van de Oorlogsgravenstichting over Sara.
Foto Nationaal Archief Den Haag

***

En de overige twee kinderen van Sara en Samuel?
        Eva Hanna Pesaro, de ene helft van de tweeling, is vermoord in Auschwitz op 28 september 1942. Zij was handelsbediende en is 29 geworden. Mozes, de andere helft, had toevalligerwijze hetzelfde beroep als zijn tweelingzus (handelsbediende). Ook hij werd uiteraard slechts 29.
        Hun ouders werden in Auschwitz overigens op twee verschillende dagen vermoord: Sara op 15 december 1942, als 64-jarige, en koopman Samuel twee maanden later, op 19 februari 1943, als 65-jarige.
        Voor alle levens in dit korte verhaal was Auschwitz het eindpunt.

Amsterdamse archiefkaart van Jacob Blom, de achtergenoot van Hanna Pesaro

De Amsterdamse archiefkaart van Jacob Blom, de achtergenoot van Hanna Pesaro, een dochter van Sara en Samuel. Jacob is op 31 januari 1943 in Auschwitz vermoord, Hanna was dat al op 28 september 1942, vier maanden eerder.
Foto Stadsarchief Amsterdam






< Terug naar index 'Verhalen over het voorbije joodse leven in Dordrecht'