Het voorbije joodse dordrecht
Rosaline en Johanna zijn
onvindbaar bij het CBG
Dat is vreemd.
Een website die dikwijls wordt geraadpleegd voor familieonderzoek is WieWasWie, een site die eigendom is van het Centraal Bureau Genealogie (CBG) in Den Haag. Over zichzelf meldt het CBG dat het “het landelijke expertise- én informatiecentrum” is voor onderzoek naar familiegeschiedenis, en dat ‘WieWasWie’ “het Nederlandse online platform voor familiegeschiedenis” is.
Via deze website, stelt het CBG, “kun je in één keer door de historische persoonsgegevens van ruim veertig Nederlandse archief- en erfgoedinstellingen zoeken”. De slogan van ‘WieWasWie’ luidt: “Iedereen heeft een geschiedenis”.
Maar het raadselachtige is dat over de joodse zusjes Rosaline Betty Meijer en Johanna Meijer, beiden geboren in Dordrecht, in 1939 en 1941, en door de nazi’s tegelijk vermoord in Auschwitz op 26 februari 1943, niets te vinden is. Op ‘WieWasWie’ bestaan zij eenvoudigweg niet.
an wie waren deze zusjes kinderen? Wie waren hun ouders? Wat is er met hen gebeurd? En waar woonde het gezin Meijer in Dordrecht?
In het navolgende verhaal wordt het uiteengezet.
![]() |
De trouwfoto van Herman Salomo Meijer en Betsij Zilverberg. Het echtpaar trouwde in Oss, |
![]() |
Een bijzondere foto, gevonden op de website Geni, |
Foto
Herman Salomo Meijer, de vader van de zusjes, is een autochtone Dordtenaar. Hij is in deze stad geboren op 7 augustus 1911, als zoon van Salomo Herman Meijer (Zwijndrecht, 17.10.1883) en Betje Braadbaart (Dordrecht, 30.6.1882). Destijds woonde het gezin in de Noorderstraat, op nummer 28. In de collectie van het Joods Historisch Museum in Amsterdam is de trouwfoto van Salomo Herman en Betje te vinden. Deze staat hierboven afgebeeld. Het echtpaar trouwde in Dordrecht, op 22 juni 1910. De bruidegom was toen 26 jaar oud, de bruid 27.
Herman Salomo was niet het enige kind van Salomo Herman en Betje. Hij had twee broers (Izaak Philip Meijer en Karel Meijer) en er is ook nog een zus, Esther Sera Meijer. Dit verhaal concentreert zich op de levensloop van Herman Salomo, de aanstaande vader van de ‘onzichtbaar’ gebleven meisjes Rosaline Betty en Johanna.
Herman Salomo was van beroep vertegenwoordiger. Misschien heeft hij zo, al rondreizend door Nederland, in Oss op enig moment Betsij Zilverberg leren kennen – van wie de voornaam in documenten overigens soms als Betsy is geschreven. Zij is in deze Noord-Brabantse gemeente geboren op 26 oktober 1914, als dochter van David Zilverberg (Oss, 31.10.1868) en Rosalina Leviticus (Vierlingsbeek, 18.10.1875). Het was in ieder geval in Oss dat Betsij en Herman Salomo zich verloofden, zoals blijkt uit een kleine advertentie in het Nieuw Israëlitisch Weekblad ( NIW) van 27 juli 1934.
![]() |
Deze foto toont de ouders van Herman Salomo. De vader heet qua voornaam andersom (Salomo Herman), |
![]() |
De aankondiging van de verloving |
Huwelijk
Het was ook in Betsij’s stad dat zij trouwde met haar geliefde. Dat gebeurde op 4 februari 1938. Betsij, van wie de naam in de huwelijksakte ook wordt geschreven als Betsij, was 23 jaar oud en zonder beroep, haar echtgenoot Herman Salomo 26 en beroepshalve nog steeds vertegenwoordiger. Als getuigen waren aanwezig Maurits Zilverberg, een broer van Betsij, en Levie Zilverberg, een oom.
De ouders van Herman Salomo hadden toestemming verleend voor het voltrekken van het huwelijk. Van de ouders van Betsij had alleen vader David dat kunnen doen. Moeder Rosalina was al overleden, op 28 april 1930, 54 jaar oud, in Oss.
Met ingang van 25 februari 1938, enkele weken na de bruiloft dus, gingen Herman Salomo en Betsij in Dordrecht wonen, op nummer 1c van de Nicolaasstraat. Dit blijkt uit de gezinskaart van het echtpaar Meijer. Op die kaart wordt de geboorte vermeld van dochter Rosaline Betty, op 10 april 1939. In het navolgende jaar 1940, de Tweede Wereldoorlog was begonnen, is het echtpaar blijkbaar verhuisd, op 13 november. De gezinskaart vermeldt als het nieuwe adres: Voorstraat 27 rood (is nadien omgenummerd tot: 35).
Wie op de gezinskaart ontbreekt, is de tweede dochter, Johanna. Zij kwam ter wereld, ook in Dordrecht, op 21 februari 1941. Twee maanden later verhuisde het gezin Meijer naar Zwijndrecht, op 4 april, naar nummer 35 van de Da Costastraat. Merkwaardig is dat op de kaart als vorig adres de Nicolaasstraat 1c wordt genoemd, zowel bij Herman Salomo als bij zijn vrouw Betsij. Terwijl uit de gezinskaart van hen beiden toch heus blijkt dat Betsij per 13 november 1940 tussendoor op de Voorstraat 27 rood is gaan wonen. Dit verschil is niet (meer) te verklaren
![]() |
De huwelijksakte van het echtpaar Meijer, uit het archief van de gemeente Oss. Betsij ondertekende als Betsie. |
![]() |
De Dordtse archiefkaart van het echtpaar Meijer, voor- en achterzijde. Te zien is dat Betsij er al op 17 februari 1938 kwam wonen, haar echtgenoot een week later. Dochter Rosaline Betty is in Dordrecht geboren. Dochter Johanna, geboren op 21 februari 1941, ontbreekt op deze kaart, misschien omdat de oorlog gaande was. |
Persoonskaart
Hoe dit alles ook zij: de complete familie Meijer is door de nazi’s vermoord.
Moeder Betsij is vergast in Auschwitz, op 26 februari 1943, 28 jaar oud. Haar echtgenoot Herman Salomo kwam ook in dit vernietigingskamp terecht en werd er twee maanden later vermoord, op 30 april 1943. Hij is 31 jaar oud geworden. Uit de persoonskaart van de Joodse Raad blijkt dat Betsij drie dagen vóór haar dood op transport is gezet, op 23 februari 1943. Van haar man Herman Salomo is zo’n kaart niet gevonden, maar dat hij korte tijd later is omgebracht, staat vast: het blijkt uit de lijst van het concentratiekamp Auschwitz.
De dochters Rosaline Betty en Johanna zijn tegelijk met hun moeder Betsij om het leven gebracht, ook op die 26ste februari 1943. Rosaline was toen 3 jaar oud, haar zusje Johanna 2 jaar.
De moordzucht van de nazi’s trof ook de ouders van Herman Salomo en Betsij. Salomo Herman Meijer eindigde in Auschwitz, op 12 februari 1943, in de leeftijd van 59 jaar. Zijn vrouw Betje Braadbaart werd in weer een ander kamp vermoord, in het Poolse Sobibor, op 5 maart 1943, 60 jaar oud.
Anders was het lot van de ouders van Betsij. Vader David Zilverberg stierf in zijn geboorteplaats Oss, op 26 november 1942, 74 jaar oud. Zijn echtgenote Rosalina was, zoals al is aangestipt, al in 1930 overleden, in Oss, op 28 april.
![]() |
![]() |
De persoonskaart van Betsij. Zij is op 23 februari 1943 |
In de ‘Staatscourant’ |
Monument
In Zwijndrecht, de laatste woonplaats van de familie Meijer, worden Herman Salomon en Betsij herdacht op een monument dat zich bevindt in de voormalige raadzaal van het oude raadhuis aan het Raadhuisplein, samen met nog 17 andere ‘Joodse medeburgers’. Dit monument is op 4 mei 2009 onthuld door burgemeester Antoin Scholten.
Op 9 november 1942 werden in totaal twintig Zwijndrechtse joden gevangen gezet in deze raadzaal, en van daar uit op transport gesteld. Via Amsterdam en het doorgangskamp Westerbork kwam de groep terecht in Auschwitz. Slechts één van hen, de apotheker drs. Herman Izaäk Meijer, heeft de oorlog overleefd. Elders op deze Stolpersteine-website is daarover een verhaal geplaatst, verhaal 59.
Op de website Stolpersteine Zwijndrecht is eerder al een verhaal gepubliceerd over de familie Meijer. Hieruit blijkt dat Herman Salomo een ander beroep had voordat hij vertegenwoordiger werd, namelijk slager, net zoals zijn vader Salomo Herman vleeschhouwer en veekoopman was, en net zoals zijn broers Izaak Philip en Karel. Ook de vader van Salomo Herman had een vleeschhouwerij. Het beroep ging van vader over op zoon.
Het beroep dat Herman Salomo later uitoefende, vertegenwoordiger, lag ook weer in het verlengde hiervan, meldt de Zwijndrechtse site. Hij werkte “enige tijd” bij GEVATO’s Exportslagerij en Vleeschwarenbedrijf NV in Driebergen, vestiging Rotterdam. “GEVATO is een verkorting van de eerste letters van de Gebroeders van Toorn. Hoelang dit dienstverband geduurd heeft, is niet bekend, maar vermoedelijk niet lang. Ook is niet bekend of de beëindiging van het dienstverband te maken heeft met de symphatie die het bedrijf heeft met de bezetter.”
Uit een krantenartikel in het Agrarisch Nieuwsblad van 19 februari 1941 blijkt dat de firma Gevato “veel bijdraagt aan de door de bezetter ingevoerde (en daarom nogal verfoeide) Winterhulp.”
![]() |
![]() |
Documenten uit 1957 van de Oorlogsgravenstichting over Herman Salomo en Betsij, die vermelden wanneer zij zijn vermoord in Auschwitz: zij al op 26.2.1943, hij op 30.4.1943.
|
Contact
Tot slot meldt de Zwijndrechtse site nog dat vader Herman Salomo op zijn gezinskaart als beroep liet vermelden: leerling-lasser. En dat het gezin tijdens het verblijf in Zwijndrecht “goed contact” had met de naastwonende buren.
Er bestaat een foto waarop Betsij rechts zit met haar dochter Johanna. Links zit buurvrouw Corrie Verspui-Los, met op haar schoot ene Aart van der Wiel. “Betsij kwam regelmatig op bezoek bij Corrie Verspui”, aldus de site, zij woonden immers “naast elkaar in de Da Costastraat”.
“Uiteindelijk”, zo besluit de website het relaas, “wordt het hele gezin opgepakt en komt op 11 november 1942 in kamp Westerbork aan. Vandaar worden zij op 23 februari 1943 gedeporteerd naar Auschwitz. De officiële overlijdensdatum van Herman Salomo wordt gesteld op 30 april 1943 en bekendgemaakt in de Staatscourant van 31 mei 1951. Zijn vrouw en kinderen zijn direct na aankomst op 26 februari 1943 om het leven gebracht.”
Johanna was toen net, zes dagen eerder, twee jaar worden.
***
Op 30 april 2018 zijn in Zwijndrecht, op de hoek van de Da Costastraat en de Tollensstraat, Stolpersteine gelegd voor vader Herman Salomo, moeder Betsij en hun dochters Rosaline en Johanna. De loco-burgemeester van Zwijndrecht, Jolanda de Witte, en voorzitter Frans Meijer van de Stichting Stolpersteine Zwijndrecht spraken bij deze plechtigheid. En Else, een leerlinge van de basisschool De Impuls, droeg een gedicht voor.
![]() |
Deze bijzondere foto, te vinden op de website Stolpersteine Zwijndrecht, toont twee moeders met hun kinderen. |
< Terug naar index 'Verhalen over het voorbije joodse leven in Dordrecht'










