Het voorbije joodse dordrecht

Dordtse Grietje van Gelder stierf
in een Rotterdams oudeliedenhuis


grafsteen van Grietje Sanders-van Gelder

Grietje Sanders-van Gelder is tijdens de oorlog overleden, op 24 januari 1941 in Rotterdam. Zoals de grafsteen, te vinden op de joodse begraafplaats aan het Toepad in Rotterdam, laat zien, is zij eerder getrouwd geweest met Levie Sitters. Met hem kreeg zij zeven kinderen.
Foto Website ‘Het Stenen Graf’

Helemaal onderaan staat ze op deze Stolpersteine-website, in een kader onder verhaal 240, als nummer 10: Grietje Sanders-van Gelder.
        Dat kader noemt, en beschrijft in het kort, de oudste Holocaustslachtoffers van Dordrecht. Grietje was 82 jaar oud toen zij stierf, in het (voormalige en verdwenen) Israëlitisch Oudeliedengesticht aan de Claes de Vrieselaan 70 in Rotterdam. Ze werd begraven op de joodse begraafplaats Toepad in die stad.
        “Hier rust onze lieve moeder”, staat op de grafsteen, die verder vermeldt dat Grietje is geboren op 10 augustus 1858, en overleden op 24 januari 1941. In de oorlog dus, en dat zal de reden zijn dat Grietje ook wordt genoemd op de website Joods Monument, het online monument voor de meer dan 109.000 Joden, Roma en Sinti die de Holocaust niet hebben overleefd.
        Over de lotgevallen van Grietje is hier tot nog toe geen zelfstandig verhaal gepubliceerd. Dat gebeurt bij dezen.
        Grietje is niet alleen een oud-Dordtse jodin, maar ook een moeder van zeven kinderen, van wie er vier tijdens de Tweede Wereldoorlog door de nazi’s zijn vermoord. Slechts één kind, Maria, geboren in 1882, heeft de terreur van de Duitsers weten te weerstaan en heeft een hoge leeftijd weten te bereiken.
        Op moeder Grietjes grafsteen staat nog iets – namelijk dat zij “eerder weduwe” is geweest van Levie Sitters, die is gestorven op 16 september 1898, op 40-jarige leeftijd. Uit research blijkt dat Grietje met hém die zeven kinderen heeft gekregen. Het huwelijk dat zij in 1908 sloot met tweede echtgenoot Jakob Sanders is kinderloos gebleven, waarschijnlijk omdat Grietje toen al 50 was.
        In dit verhaal: hoe begon en verliep het leven van Grietje.

Dordtse Kaart van Gerrit van Gelder en Betje Lion

Grietje werd het laatste kind dat Gerrit van Gelder en Betje Lion kregen, op 10 augustus 1858.
Het gezin woonde toen in de Wijngaardstraat op nummer 467.
Foto Regionaal Archief Dordrecht


Grietje in ondertrouw met Levie Sitters

Op 6 april 1881 ging Grietje als 22-jarige in ondertrouw
met eveneens 22-jarige Levie Sitters. De aankondiging stond al in het ‘Rotterdamsch Nieuwsblad’ van 21 maart 1881.
Het huwelijk volgde op 6 april 1881.
Foto Website ‘Delpher’

Baby’s
Grietje was het laatste kind dat Gerrit van Gelder kreeg met zijn echtgenote Betje Lion, op 10 augustus 1858. De ouders waren geen van beiden geboren Dordtenaren. Koopman Gerrit was in 1819 in Hoorn ter wereld gekomen, zijn vrouw in 1817 in Zaandam. Het echtpaar woonde in Dordrecht – in de Wijngaardstraat op nummer C446 – toen hun eersteling werd geboren, Salomon, in 1848. Daarna volgden de tweeling Adam en Eva (beiden op 10 juli 1850), vierde kind Abraham op 17 maart 1855 en tot slot dochter Grietje.
        Op 22-jarige leeftijd trouwde Grietje zelf, met de 23-jarige Levie Sitters. Hij is een zoon van Salomon Levie Sitters en Maria Spetter en werd geboren in Rotterdam, de stad waar het huwelijk plaatshad, op 6 april 1881. Levie was klaarblijkelijk een buitenechtelijk kind, want pas bij het huwelijk van zijn ouders op 2 juni 1858 werd hij erkend, oftewel geëcht – na iets meer dan twee maanden.
        Zelf baarde Grietje eerst een levenloos kind van het mannelijk geslacht op 25 mei 1885. De geboorte van deze naamloze baby, Namen Nescio genoemd, had plaats “des voormiddags ten een ure” in de ouderlijke woning aan de Raamstraat. Van vader Levie werd genoteerd dat hij van beroep winkelknecht is en dat Grietje “zonder beroep” was, want huisvrouw. Een jaar later, op 1 augustus 1886, beviel Grietje van haar tweede kind, Betje, ditmaal “des namiddags ten zes ure”, opnieuw in het huis aan de Raamstraat.
        Hierna kregen Grietje en Levie nog vier kinderen, in deze volgorde: Maria (Rotterdam, 12 april 1882), Salomon Levie (Rotterdam, 13 juni 1889), Gerrit (Rotterdam, 28 juli 1891) en tot slot Sientje (Rotterdam, 12 februari 1895).

geboorteakte levenloos kind van Grietje van Gelder en Levie Sitters

Op 25 mei 1885 beviel Grietje van een levenloos kind, zoals de geboorteakte vermeldt.
Foto Stadsarchief Rotterdam


zeldzame portretfoto van Grietje van Gelder

Een zeldzame portretfoto van Grietje op oudere leeftijd, op de website van ‘Joods Monument’ geplaatst door Jeannette Clara Wilhelmina Boom-Rooiman, in juli 2015.

Hertrouwd
Drie jaar na de geboorte van zijn laatste nakomeling stierf vader Levie, op 16 september 1898. Hij is slechts 40 jaar oud geworden en heeft zijn kinderen dus nauwelijks kunnen zien opgroeien. Uit het overlijdensregister van de Gemeente Oegstgeest blijkt dat hij in die plaats is overleden, en inmiddels “zonder beroep” was. Wat Levie in deze gemeente deed, wordt niet vermeld.
        Grietje hertrouwde tien jaar later – met de al even joodse Jakob Sanders, geboren in Rotterdam op 20 mei 1858. Het huwelijk had plaats in hun beider woonplaats Rotterdam op 3 juni 1908. Jakob, een zoon van Josua Sanders en Duifje Stad, was inmiddels al 59, zijn echtgenote 49. Zeventien jaar heeft hun echtverbintenis geduurd. Jakob overleed in Rotterdam op 76-jarige leeftijd, op 10 oktober 1925. Grietje was nu 67.
        Zij is hierna niet meer opnieuw getrouwd. Zij is in Rotterdam blijven wonen en maakt nog als tachtigjarige het leed mee dat Hitler in de Tweede Wereldoorlog veroorzaakte. Zij stierf zelf tijdens de Holocaust, als 82-jarige. Op het laatst woonde de weduwe Grietje in het Israëlitisch Oudeliedengesticht. Ze werd begraven op de joodse begraafplaats aan het Toepad. Eén van haar kinderen, of meerdere, heeft op de grafsteen laten zetten “Hier rust onze lieve moeder”.


geboorteakte Betje, dochter van Grietje van Gelder en Levie Sitters

Op 1 augustus, ’s middags om 18 uur, baarde Grietje een dochter, Betje.
Foto Stadsarchief Rotterdam


zeldzame portretfoto van Sientje Koperberg Sitters

Een zeldzame portretfoto van Sientje Koperberg Sitter, op de website van ‘Joods Monument’.


zeldzame portretfoto van Simon Louis Koperberg

Een zeldzame portretfoto van Simon Louis Koperberg op de website van ‘Joods Monument’.

Vermoord
Of ál haar vijf kinderen aanwezig zijn geweest bij die plechtigheid, is niet meer te achterhalen. Feit is dat vier van hen nog in diezelfde oorlog zijn vermoord.
        Eersteling Betje is omgebracht in Sobibor, op 9 april 1943, 56 jaar oud. Zij was de echtgenote van David Mozes Sanders, die is geboren in Den Haag op 12 november 1880, en die is op 38-jarige leeftijd is overleden, in Rotterdam, op 9 april 1919.
        Tweede kind Maria heeft het langst van alle kinderen geleefd. Zij is op 13 juni 1973 in Den Haag gestorven, als 91-jarige overlevende. Zij was eerst getrouwd met koopman Moses Ephraim (Amsterdam, 14 februari 1885 – Sobibor, 9 april 1943: 58 jaar) en kreeg met hem dochter Grietje Ephraim in Rotterdam op 4 juni 1916. Zij scheidde van hem op 2 maart 1938 en trouwde daarna op 26 april 1939 met Hartog Barend Velleman (Rotterdam, 19 november 1880 – Auschwitz, 22 oktober 1942: 61 jaar). Grietje Ephraim heeft net als haar moeder de oorlog doorstaan. Zij is op 15 juni 2004 gestorven in Rotterdam, in de leeftijd van 88 jaar.
        Salomo Levie, kind nummer 3 en koopman in groente, eindigde in Auschwitz op 8 oktober 1942, in de leeftijd van 53 jaar. Hij was getrouwd met Rebecca Tromp (Den Bosch, 10 november 1886), die op dezelfde dag werd vergast, en 55 jaar oud is geworden.
        Gerrit (Rotterdam, 28 juli 1891), het vierde kind, werd vermoord in het Poolse Sakrau, op 1 maart 1943, 51 jaar oud. Hij was van beroep kantoorbediende en ongetrouwd.
        Sientje (Rotterdam, 12 februari 1895), het laatste kind van Grietje en Levie, eindigde ook in Sobibor, op 11 juni 1943, 48 jaar oud. Zij was op 14 augustus 1918 in Rotterdam getrouwd met de Belgische Simon Louis Koperberg uit Antwerpen. Beiden waren toen 23 jaar oud. Lijkbezorger Simon Louis is op dezelfde dag in Sobibor vermoord, 47 jaar oud, evenals zijn echtgenote.
        Drie kinderen had dit echtpaar gekregen, die eveneens werden omgebracht.
        1. Elisabeth (Rotterdam, 3 mei 1933) stierf als 10-jarige samen met haar ouders.
        2. Zoon Louis Simon (omgekeerde voornaam van zijn vader Simon Louis, Rotterdam, 2 juli 1919) werd volgens de website ‘Joods Monument’ op 4 mei 1945 ergens in Duitsland gedood, als 25-jarige. Volgens een toelichting is hij op 18 september 1942 met transport no. 34 vanuit het Franse doorgangskamp Drancy naar Auschwitz gedeporteerd en daar vermoord.
        3. En dan is er nog als derde kind Margaretha Lodevica. Op Joods Monument wordt meegedeeld dat zij een dochter was van Sientje en Simon Louis en als hulp in de huishouding werkte. Zij woonde in Den Haag op de Weteringkade, nummer 22. Margaretha is op 24 juni 1922 in Antwerpen geboren en eveneens met transport no. 34 vanuit Drancy naar Auschwitz afgevoerd. Op 21 september 1942 werd zij daar vermoord, 20 jaar oud.

***

        Van het gezin dat Grietje stichtte met Levie Sitters was na de Tweede Wereldoorlog, zoals gemeld, alleen nog dochter Maria in leven. Zij is op 13 juni 1973 in Den Haag gestorven, op hoge, 91-jarige leeftijd.






< Terug naar index 'Verhalen over het voorbije joodse leven in Dordrecht'